LTP assessment: wat het is, hoe het verloopt en welke tests je krijgt
Je hebt gesolliciteerd, het eerste gesprek ging goed en dan komt de mail: "Als volgende stap vragen we je deel te nemen aan een assessment bij LTP." Dan wil je eerst weten wat LTP eigenlijk is. In dit artikel lees je wat het bureau doet, hoe zo'n traject er doorgaans uitziet, welke testonderdelen je kunt tegenkomen (met uitgewerkte voorbeelden), wat er met je uitslag gebeurt en hoe je je zinvol voorbereidt.
Wat is LTP?
LTP staat voor Laboratorium voor de Toegepaste Psychologie. Het is een Nederlands psychologisch adviesbureau dat zich richt op werving en selectie en op loopbaan- en ontwikkelvraagstukken. Het bureau presenteert zichzelf als het oudste psychologische hr-adviesbureau van Nederland en is naar eigen zeggen al ongeveer een eeuw actief. Inmiddels werkt LTP ook internationaal en neemt het tests af in onder meer het Nederlands, Engels, Frans, Duits en Spaans.
Werkgevers schakelen LTP in wanneer ze een onafhankelijk, psychologisch onderbouwd oordeel willen over een kandidaat. Denk aan selectie voor (midden)management, specialistische en beleidsfuncties, trainee- en graduateprogramma's, maar ook aan ontwikkeltrajecten voor zittende medewerkers. De werkgever is de opdrachtgever; LTP voert het onderzoek uit en rapporteert terug. Dat onderscheid is belangrijk: de psycholoog die jou test, beslist niet of je de baan krijgt. Hij of zij geeft een advies, en de werkgever weegt dat mee naast je cv en de gesprekken.
Hoe een LTP assessment verloopt
Er bestaat niet één standaard LTP-assessment. Het programma wordt afgestemd op de functie en op wat de opdrachtgever wil weten. Reken dus op variatie, en lees je uitnodiging nauwkeurig: daarin staat meestal welke onderdelen je krijgt en hoe lang het duurt.
Grofweg bestaat een LTP-traject uit drie bouwstenen:
- Persoonlijkheidsvragenlijst. Je beantwoordt stellingen over hoe je werkt, samenwerkt en met druk omgaat. Er zijn geen goede of foute antwoorden, maar wel een profiel dat later in het gesprek terugkomt.
- Capaciteitentests. Getimede meerkeuzetests die je abstract, verbaal en numeriek redeneervermogen meten. Je score wordt vergeleken met een normgroep op het niveau van de functie.
- Praktische simulaties. Bijvoorbeeld een rollenspel met een acteur, een casus die je analyseert en presenteert, of een postbakoefening. Simulaties komen vooral voor bij functies waarin leidinggeven, adviseren of klantcontact centraal staat.
LTP biedt assessments zowel online als op locatie aan, en naar eigen zeggen ook in gegamificeerde vorm. Een veelvoorkomende opzet is dat je de vragenlijst en (een deel van) de capaciteitentests thuis online maakt en daarna een dagdeel naar een vestiging komt of digitaal aanschuift voor simulaties en een gesprek met de psycholoog. In dat gesprek bespreekt de psycholoog je testresultaten en je persoonlijkheidsprofiel en stelt vaak ook vragen in de stijl van een competentiegericht interview: concrete situaties uit je verleden, en wat jij daarin deed.
De testonderdelen uitgelegd, met voorbeelden
Hieronder de capaciteitentests die je bij LTP kunt tegenkomen. Je krijgt ze vrijwel nooit allemaal; welke het zijn hangt af van de functie. De voorbeelden heb ik zelf bedacht om het type opgave te laten zien. Het zijn geen echte LTP-vragen.
Abstracte Matrix
Je ziet een raster van negen vakjes, waarvan er acht een figuur bevatten. Het negende is leeg, en uit vier opties kies je de figuur die erin hoort. De logica loopt meestal zowel horizontaal als verticaal.
Voorbeeld in woorden: in de eerste rij staat een cirkel met één, twee en drie stippen. In de tweede rij een vierkant met één, twee en drie stippen. In de derde rij een driehoek met één stip, een driehoek met twee stippen en dan het lege vak. Het antwoord is een driehoek met drie stippen. Echte opgaven combineren meerdere regels tegelijk. De truc is om elementen los van elkaar te bekijken: eerst de vorm, dan het aantal, dan de stand, dan de kleur.
Verbale Relaties
Dit zijn analogieën. Je krijgt twee woordparen met hetzelfde verband, waarbij een of twee woorden ontbreken, en je kiest de juiste aanvulling. Je hebt hier ongeveer 50 seconden per opgave voor.
Voorbeeld: schilder staat tot penseel als chirurg staat tot ... De opties: ziekenhuis, scalpel, patiënt, operatie. Het verband in het eerste paar is "beroep en zijn belangrijkste gereedschap", dus het antwoord is scalpel. Ziekenhuis (werkplek) en patiënt (wie je helpt) zijn de afleiders: ze hebben wél met een chirurg te maken, maar niet via hetzelfde verband. Formuleer daarom altijd eerst het verband in een korte zin voordat je naar de opties kijkt. Meer van dit soort opgaven vind je in het artikel over verbale analogieën.
Abstracte Figuren
Een reeks figuren die volgens een vaste regel verandert; jij kiest de figuur die de reeks voortzet. Voorbeeld: een pijl wijst achtereenvolgens naar boven, rechts, onder en links, terwijl er telkens een streepje bij komt. De volgende figuur is dan een pijl naar boven met vijf streepjes. Let op regels die niet elke stap gelden maar om de stap, zoals een kleur die wisselt tussen zwart en wit.
Syllogismen
Dit onderdeel verdient extra aandacht, omdat veel kandidaten er punten verliezen terwijl de regels eigenlijk eenvoudig zijn. Je krijgt twee premissen (uitspraken die je als waar moet aannemen) en kiest uit vier opties de conclusie die er logisch uit volgt.
Voorbeeld:
- Premisse 1: Alle analisten werken met Excel.
- Premisse 2: Sommige Excelgebruikers zijn teamleider.
Welke conclusie volgt? Veel mensen kiezen "sommige analisten zijn teamleider". Dat is de klassieke valkuil. Uit de premissen weet je alleen dat alle analisten binnen de groep Excelgebruikers vallen, en dat een deel van die groep teamleider is. Of dat deel overlapt met de analisten, weet je niet: het kunnen net zo goed alleen niet-analisten zijn. De conclusie volgt dus niet. Teken het als cirkels: een kleine cirkel "analisten" helemaal binnen de grote cirkel "Excelgebruikers", en een cirkel "teamleiders" die de grote cirkel ergens raakt. Je kunt die teamleiderscirkel tekenen zonder de analistencirkel te raken, en dan klopt de conclusie niet meer. Een conclusie is alleen geldig als hij klopt in élke tekening die bij de premissen past.
Een tweede valkuil is je eigen kennis. Stel: "Alle vogels kunnen vliegen. Een pinguïn is een vogel. Dus een pinguïn kan vliegen." Die conclusie is logisch geldig, ook al is ze feitelijk onjuist. In een syllogismentest gaat het alleen om de vorm. Wat je in het echt weet, doet niet mee. Wil je dit grondig oefenen, lees dan de uitleg over syllogisme-vragen, waarin alle vormen worden doorgenomen.
Numerieke Vaardigheden
Hier reken je met getallen, tabellen of korte rekenvraagstukken. Voorbeeld: een afdeling heeft een budget van 80.000 euro, waarvan 35 procent naar personeel gaat en een kwart van de rest naar opleidingen. Hoeveel blijft er over? Personeel: 28.000. Rest: 52.000. Opleidingen: 13.000. Over: 39.000 euro. De wiskunde is niet moeilijk; het gaat om nauwkeurig werken onder tijdsdruk en het niet overslaan van een tussenstap.
Cijferreeksen
Een rij getallen, en jij vult het volgende getal in. Voorbeeld: 3, 5, 9, 17, 33, ... De verschillen zijn 2, 4, 8 en 16, dus ze verdubbelen steeds. Het volgende verschil is 32 en het antwoord 65. Kijk eerst naar de verschillen, dan naar vermenigvuldigingen, dan naar twee door elkaar lopende reeksen.
Diagrammen
Bij diagrammen zie je een schema met vakjes of symbolen die elk een bewerking uitvoeren. Een figuur gaat erin, ondergaat onderweg veranderingen en komt er anders uit. Jij leidt af wat elk symbool doet. Voorbeeld: een ster verandert "rood" in "blauw", een ruit draait de figuur een kwartslag met de klok mee. Gaat er een rode pijl naar rechts in en passeert die eerst de ster en dan de ruit, dan komt er een blauwe pijl naar beneden uit. Werk hier altijd één symbool tegelijk af en noteer op je kladpapier wat het doet, anders raak je halverwege een lange route het overzicht kwijt.
Watson Glaser
Sommige trajecten, vooral voor functies waarin analyseren en adviseren centraal staan, bevatten de Watson Glaser Critical Thinking Appraisal. Die meet kritisch denken in vijf onderdelen: veronderstellingen herkennen, argumenten beoordelen, deductie, interpretatie en gevolgtrekkingen. Het is een andere test dan de LTP-capaciteitentests en vraagt een eigen aanpak, dus check je uitnodiging of hij erbij zit.
Uitslag en rapport
Na het assessment stelt de psycholoog een rapport op. Daarin staan doorgaans je scores op de capaciteitentests (vergeleken met een normgroep, dus niet als cijfer of percentage goed), een beschrijving van je persoonlijkheidsprofiel, je prestaties in eventuele simulaties en een advies aan de opdrachtgever. Hoe uitgebreid dat rapport is en in welke vorm het advies wordt gegeven, verschilt per traject. Ga ook niet af op wat je op fora leest over een "minimaal benodigde score": normen en grenzen worden per functie bepaald en zelden vooraf bekendgemaakt.
Een belangrijk punt dat veel kandidaten niet kennen: bij psychologisch onderzoek door een psycholoog die lid is van het Nederlands Instituut van Psychologen (NIP) geeft de beroepscode je het recht om het rapport in te zien voordat het naar de opdrachtgever gaat, en het recht om verzending tegen te houden. Dat laatste heet het blokkeringsrecht. Gebruik je dat, dan krijgt de werkgever het rapport niet, al zal hij daar natuurlijk zijn eigen conclusie aan verbinden. Hoe dit precies is geregeld, hangt af van het type onderzoek; bij korte online selectietests zonder psycholooggesprek kan de procedure afwijken. Vraag het gerust na als het niet in je uitnodiging staat.
Eerlijk voorbereidingsadvies
De persoonlijkheidsvragenlijst kun je niet "winnen". Probeer niet het ideale profiel in te vullen. Vragenlijsten bevatten controles op consistentie, en de psycholoog bespreekt je antwoorden met je. Een opgepoetst profiel dat niet bij je verhaal past, valt sneller op dan een eerlijk profiel met een paar minder handige trekjes. Bedenk wel vooraf voorbeelden uit je werk die je antwoorden kunnen toelichten.
De capaciteitentests kun je wél trainen, en dat loont. Oefenen maakt je niet slimmer, maar het haalt de onbekendheid weg. Wie dertig syllogismen heeft gemaakt, herkent de valkuil meteen. Bij onderdelen met een strakke tijdslimiet, zoals Verbale Relaties met ongeveer 50 seconden per vraag, maakt dat direct verschil.
Een realistische aanpak voor een week of twee:
- Maak per testtype dat je verwacht één oefenset onder tijdsdruk, om te zien waar je staat.
- Werk eerst aan je zwakste onderdeel, in korte dagelijkse sessies van een half uur.
- Analyseer je fouten: waarom koos je die afleider? Vaak is het steeds hetzelfde patroon.
- Doe de laatste dagen volledige sets onder examenomstandigheden: timer aan, telefoon weg.
- Neem de avond ervoor rust. Slaap doet meer voor je tempo dan een extra oefenronde.
Voor oefenmateriaal in het format van dit bureau kun je terecht bij het LTP assessment oefenpakket, dat de testonderdelen uit dit artikel afdekt. Wil je eerst gratis voelen hoe abstract redeneren onder tijdsdruk gaat, doe dan de gratis abstract redeneertest.
Bereid ook de simulaties voor. Krijg je een rollenspel, oefen dan een gesprek met iemand uit je omgeving: luister eerst, vat samen, en kom pas daarna met een oplossing. Bij een casus of presentatie geldt: structuur gaat boven volledigheid. Kies een duidelijke aanbeveling en onderbouw die met twee of drie argumenten.
Veelgestelde vragen over het LTP assessment
Waar staat LTP voor?
LTP staat voor Laboratorium voor de Toegepaste Psychologie. Het is een Nederlands psychologisch adviesbureau dat assessments afneemt voor werving, selectie en ontwikkeling, en dat al sinds lange tijd in Nederland actief is. Inmiddels test het bureau ook in andere talen dan het Nederlands.
Hoe lang duurt een LTP assessment?
Dat hangt af van de functie en van wat je opdrachtgever heeft aangevraagd. Een online voorselectie met een paar capaciteitentests is in een uur of twee klaar; een volledig assessment met tests, simulaties en een gesprek met een psycholoog kan een groot deel van de dag kosten. Je uitnodiging vermeldt het programma.
Welke tests zitten in een LTP assessment?
Meestal een combinatie van een persoonlijkheidsvragenlijst, capaciteitentests en praktische simulaties. Bij de capaciteitentests kun je onder meer Abstracte Matrix, Verbale Relaties, Abstracte Figuren, Syllogismen, Numerieke Vaardigheden, Cijferreeksen en Diagrammen tegenkomen, en in sommige trajecten de Watson Glaser. Welke onderdelen jij krijgt, verschilt per functie.
Mag ik mijn LTP-rapport inzien voordat de werkgever het krijgt?
Bij psychologisch onderzoek door een psycholoog die lid is van het NIP heb je volgens de beroepscode het recht om het rapport eerst in te zien en het tegen te houden. Check bij je uitnodiging hoe dat in jouw traject geregeld is, want bij korte online selectietests kan de procedure anders zijn.
Kun je je voorbereiden op een LTP assessment?
Ja. Je persoonlijkheid verander je niet, maar de capaciteitentests worden aantoonbaar minder zwaar als je de opgavetypen kent en aan de tijdsdruk gewend bent. Oefen elk testtype minstens een paar keer getimed en lees je uitnodiging goed, zodat je weet welke onderdelen je kunt verwachten.
Tot slot
Een LTP assessment is geen examen waarvoor je kunt zakken op kennis, en ook geen black box. Het is een gestructureerd onderzoek naar hoe je denkt en hoe je werkt, uitgevoerd door psychologen die aan een beroepscode gebonden zijn. Je kunt je er dus wel degelijk op voorbereiden: leer de testonderdelen kennen, oefen de capaciteitentests tot de vraagvormen vertrouwd voelen, denk na over je eigen voorbeelden voor het gesprek, en ken je rechten rond het rapport. Begin op tijd, want twee weken rustig oefenen werkt beter dan één avond stampen. Ben je klaar om gericht te trainen, dan vind je alle onderdelen in het oefenpakket voor het LTP assessment.
