Hudson test: zo verloopt het Hudson-assessment

Staat er in je uitnodiging dat je "de Hudson-test" of "de Hudson-capaciteitentest" moet maken, dan weet je meestal nog niet veel. Je hebt een datum, misschien een link, en de vage mededeling dat er redeneertests bij zitten. In dit artikel lees je wat Hudson is, hoe een assessment van begin tot eind loopt, wat de afzonderlijke onderdelen meten en hoe je je er eerlijk op voorbereidt. Met een volledig uitgewerkt voorbeeld van de beruchte knoppen-matrix uit de A-RAT, want daar lopen de meeste kandidaten op vast.

Wat Hudson is en waarom werkgevers het inzetten

Hudson is een hr-adviesbureau dat actief is in recruitment, talent management en het uitbesteden van wervingsprocessen. Daarnaast verzorgt het assessment- en developmentcenters, en daar kom jij als kandidaat in beeld. Het bedrijf heeft zijn wortels in België, heeft kantoren in de Benelux en maakt sinds eind 2021 deel uit van Randstad. In België is inmiddels aangekondigd dat het merk opgaat in Randstad. Het is dus goed mogelijk dat je uitnodiging onder een andere naam binnenkomt, terwijl het om dezelfde soort tests gaat.

Werkgevers schakelen Hudson in om een paar redenen. Een extern bureau meet alle kandidaten op dezelfde manier, wat lastig te bereiken is als iedere manager zijn eigen gesprek voert. De tests leveren vergelijkbare scores op, en een capaciteitentest zegt iets over hoe snel je je nieuwe stof eigen maakt. Dat laatste weegt zwaar bij functies waarin je veel informatie moet verwerken: beleid, finance, consultancy, management. Hudson-tests kom je daarom vooral tegen bij functies op hbo- en wo-niveau, bij overheden en bij grotere organisaties.

Hoe een Hudson-assessment verloopt

Een vast draaiboek bestaat niet. De werkgever bepaalt samen met Hudson welke onderdelen nodig zijn voor de functie, dus een traineeship ziet er anders uit dan een directiefunctie. Grofweg herken je wel steeds dezelfde fasen.

Het begint met een uitnodiging per mail. Daarin staat welke tests je maakt, of dat online thuis gebeurt of op locatie, en binnen welke termijn. Lees die mail goed, want hier staat ook of je kladpapier en een rekenmachine klaar moet leggen. Bij veel trajecten maak je eerst online een of meer capaciteitentests, soms aangevuld met een persoonlijkheidsvragenlijst. Bij een uitgebreider assessment volgt daarna een dag of dagdeel met gesprekken en praktijksimulaties, zoals een rollenspel of een casus die je analyseert en presenteert. Word je ook gevraagd naar eerdere werksituaties, dan helpt het om de opbouw van een competentiegericht interview te kennen.

Na afloop krijg je doorgaans een terugkoppeling, vaak in een nagesprek met de assessor, en gaat er een rapport naar de werkgever. Of je dat rapport eerst zelf mag inzien, verschilt per traject. Vraag ernaar als het niet in je uitnodiging staat.

De onderdelen van de Hudson test

Hudson noemt zijn capaciteitentests de Reasoning Ability Tests, en ze maken ook deel uit van de Hudson competency scan. De drie kernonderdelen zijn abstract, numeriek en verbaal redeneren, elk op verschillende niveaus. Daarnaast bestaan er tests voor technisch en ruimtelijk inzicht, analytisch denken, plannen en snelheid en nauwkeurigheid. Je krijgt zelden alles; de werkgever kiest.

A-RAT: abstract redeneren met de knoppen-matrix

De A-RAT lijkt op niets wat je van school kent. Waar de meeste abstracte tests een reeks figuren tonen waarvan je de volgende moet raden, werkt Hudson met een matrix van bewerkingen.

Links in het scherm staan basisfiguren, rechts de bijbehorende eindfiguren. In het midden staan "knoppen": symbolen die elk een vaste bewerking uitvoeren. Een figuur gaat links het schema in, passeert een of meer knoppen en komt rechts veranderd naar buiten. Jouw taak is uitvogelen wat elke knop doet en die kennis toepassen op een nieuw figuur. Je kiest het juiste resultaat uit vier antwoordopties, en je hebt per vraag ongeveer 1 minuut en 30 seconden. Kladpapier mag, en dat moet je ook gebruiken.

Een uitgewerkt voorbeeld maakt het concreet. Dit is een vereenvoudigde versie die we zelf hebben bedacht; de echte test gebruikt eigen symbolen en kan meer knoppen per rij hebben.

Stel, de matrix bevat drie rijen en twee knoppen, die we hier ster en ruit noemen:

  1. Rij 1: een klein zwart vierkant gaat door de ster en komt eruit als een klein wit vierkant.
  2. Rij 2: een kleine witte cirkel gaat door de ruit en komt eruit als een grote witte cirkel.
  3. Rij 3: een groot zwart vierkant gaat eerst door de ster en dan door de ruit, en komt eruit als een groot wit vierkant.

De vraag luidt: een kleine zwarte driehoek gaat door de ster en daarna door de ruit. Hoe ziet het eindfiguur eruit?

Begin bij de rij met de minste knoppen. In rij 1 verandert alleen de kleur, van zwart naar wit; vorm en grootte blijven gelijk. De ster lijkt dus de kleur om te draaien. In rij 2 verandert alleen de grootte, van klein naar groot, dus de ruit maakt een figuur groter. Nu de controle in rij 3, en die is belangrijk. Het grote zwarte vierkant wordt door de ster wit, dat klopt. Daarna gaat het door de ruit, maar het was al groot en het blijft groot. De ruit doet dus niet "één maat groter", maar "maak groot". Had je die controle overgeslagen, dan had je bij een volgende vraag met dezelfde knoppen misschien een figuur verwacht dat nóg groter werd.

Pas het nu toe op de driehoek. Klein en zwart, door de ster: klein en wit. Door de ruit: groot en wit. Het antwoord is een grote witte driehoek. Loop daarna de vier opties na op elk kenmerk afzonderlijk: vorm, kleur, grootte. Afleiders in dit soort tests verschillen vaak op precies één kenmerk van het juiste antwoord.

Twee dingen maken de echte A-RAT zwaarder dan dit voorbeeld. Ten eerste kunnen knoppen andere eigenschappen veranderen: draaien, spiegelen, een element toevoegen of weghalen, of de volgorde van onderdelen wisselen. Ten tweede doet de volgorde van knoppen er soms toe, bijvoorbeeld wanneer de ene knop draait en de andere iets aan de bovenkant toevoegt. Daarom is noteren onmisbaar: schrijf per knop in een paar woorden op wat hij doet, zodat je bij de volgende vraag met dezelfde matrix niet opnieuw hoeft te puzzelen. Wil je je algemene patroonherkenning trainen, dan staan de veelvoorkomende transformaties uitgewerkt in de gids abstract redeneren.

N-RAT: numeriek redeneren

Bij de N-RAT krijg je bij elke vraag een grafiek, een tabel of een combinatie van beide. De vragen gaan over het interpreteren en doorrekenen van die gegevens: procentuele veranderingen, verhoudingen, verschillen tussen jaren of afdelingen. Een rekenmachine en kladpapier zijn toegestaan, en de tijd per vraag ligt rond de anderhalve minuut.

Dat klinkt ruim, maar het meeste werk zit niet in het rekenen. Het zit in het vinden van de juiste cijfers en het goed lezen van de eenheden. Een tabel in duizenden euro's of een grafiek met een as die niet bij nul begint, kost onoplettende kandidaten veel punten. Lees eerst de vraag, zoek dan de getallen op en controleer of je antwoord in de goede orde van grootte zit. Oefenmateriaal met vergelijkbare opgaven vind je in de numeriek redeneren oefenvragen.

V-RAT: verbaal redeneren

De V-RAT bestaat uit korte teksten met vragen over begrip en conclusies. Je beoordeelt wat er echt in de tekst staat en welke conclusie je daaruit mag trekken. Ook hier mag je kladpapier gebruiken en heb je zo'n 1 minuut en 30 seconden per vraag.

De valkuil is altijd dezelfde: je eigen kennis die meepraat. Staat in een tekst dat een gemeente haar parkeertarieven verhoogt om de binnenstad autoluw te maken, dan mag je niet concluderen dat er minder auto's komen. Dat is een doel, geen vastgesteld resultaat. Het verschil tussen "de tekst zegt dit", "de tekst suggereert dit" en "dat weet ik zelf toevallig" is precies wat deze test meet. Lees langzamer dan je gewend bent en baseer elk antwoord op een concrete zin.

Speed and Accuracy

De Speed and Accuracy test meet hoe snel en nauwkeurig je informatie verwerkt. Hier gaat het niet om redeneren, maar om concentratie en tempo, en om de balans daartussen. Wie te snel gaat, maakt slordigheidsfouten; wie alles drie keer controleert, komt niet ver genoeg. Zoek een tempo waarin je net niet meer twijfelt en houd dat vast tot het eind.

Hoe de uitslag werkt

Je uitslag is geen cijfer zoals op school. Je ruwe score, het aantal goede antwoorden, wordt vergeleken met een normgroep: een grote groep mensen die dezelfde test eerder maakte en die qua opleidings- of functieniveau op jou lijkt. Daaruit volgt een relatieve score, vaak uitgedrukt in een percentiel of een vergelijkbare schaal. Een percentiel van 60 betekent dat je beter presteerde dan ongeveer 60 procent van die normgroep.

Twee gevolgen zijn goed om te weten. Ten eerste hangt je uitslag af van de normgroep waartegen je wordt afgezet; dezelfde prestatie kan tegen een hbo-norm anders uitvallen dan tegen een wo-norm. Ten tweede bepaalt de werkgever welke score voldoende is. Die grens hangt af van de functie en wordt zelden vooraf gedeeld. In het assessmentrapport worden de testscores bovendien meestal gecombineerd met de rest van het assessment, zoals gesprekken en simulaties. Eén matig onderdeel betekent dus niet automatisch het einde van je kansen.

Eerlijk voorbereidingsadvies

Eerst wat oefenen niet doet: het verhoogt je onderliggende denkvermogen niet wezenlijk. Wat oefenen wel doet, is de rem eraf halen. Bij een onbekend format verlies je kostbare minuten aan het begrijpen van de opdracht, en bij de A-RAT is dat bijna onvermijdelijk als je de knoppen-matrix nooit eerder zag. Gewenning, een vaste aanpak en rust onder de klok maken het verschil tussen een score die je capaciteit onderschat en een score die er recht aan doet.

Per onderdeel ziet een zinvolle aanpak er zo uit. Voor de A-RAT oefen je met de matrix zelf, niet alleen met gewone figuurreeksen. Train een vaste volgorde: rij met de minste knoppen eerst, elke knop in een paar woorden noteren, controleren in een rij met meerdere knoppen, en pas dan het nieuwe figuur. Voor de N-RAT fris je procentrekenen en verhoudingen op en oefen je met tabellen en grafieken, met de rekenmachine die je op de testdag ook gebruikt. Voor de V-RAT oefen je het strikt lezen: schrijf na elke fout op welke aanname je deed die niet in de tekst stond. En voor Speed and Accuracy helpt het vooral om een paar keer onder tijdsdruk te werken, zodat je je natuurlijke tempo leert kennen.

Wil je oefenen met opgaven die het Hudson-format nabootsen, inclusief de knoppen-matrix en de tijdsdruk van anderhalve minuut per vraag, dan kun je terecht bij onze Hudson-oefentests. Wil je eerst gratis voelen hoe abstract redeneren onder tijdsdruk gaat, doe dan de gratis abstract redeneertest. Voor een breder oefenplan dat ook andere testuitgevers dekt, lees je het artikel over redeneertesten oefenen.

Plan je voorbereiding in korte, dagelijkse sessies in plaats van één lange avond. Doe in de laatste dagen minstens een paar volledige oefensessies onder echte omstandigheden: timer aan, telefoon weg, kladpapier en rekenmachine klaar. De avond voor de test doe je niets meer: slaap levert dan meer op dan puzzelen.

Veelgestelde vragen

Kun je de Hudson-test oefenen?

Ja. Je wordt er niet slimmer van, maar je leert het format kennen, vooral de knoppen-matrix van de A-RAT, en je raakt gewend aan anderhalve minuut per vraag. Daardoor verlies je op de testdag geen tijd aan uitzoeken wat er van je gevraagd wordt.

Hoe lang duurt de Hudson-test?

Dat hangt af van het aantal onderdelen dat de werkgever kiest. Bij de redeneertests (A-RAT, N-RAT en V-RAT) heb je ongeveer 1 minuut en 30 seconden per vraag. Het totale assessment kan variëren van een korte online testsessie tot een volledige dag met gesprekken en simulaties.

Mag je een rekenmachine gebruiken bij de Hudson-test?

Bij de numerieke test (N-RAT) zijn een rekenmachine en kladpapier toegestaan. Bij de abstracte en verbale test mag je kladpapier gebruiken, maar heb je geen rekenmachine nodig. Controleer altijd de instructies in je uitnodiging.

Wat is de A-RAT van Hudson?

De abstracte redeneertest van Hudson. Je ziet een matrix met basisfiguren links, eindfiguren rechts en knoppen in het midden die figuren veranderen. Je zoekt uit wat elke knop doet en past dat toe op een nieuw figuur, met vier antwoordopties per vraag.

Hoe wordt de uitslag van de Hudson-test berekend?

Je ruwe score wordt meestal vergeleken met een normgroep van mensen met een vergelijkbaar opleidings- of functieniveau. Je uitslag zegt dus hoe je presteert ten opzichte van die groep, vaak uitgedrukt in een percentiel of een vergelijkbare schaal. Welke grens een werkgever hanteert, wordt zelden vooraf bekendgemaakt.

Tot slot

De Hudson-test is minder mysterieus dan hij lijkt zodra je de onderdelen uit elkaar trekt. De N-RAT en V-RAT lijken op wat je van andere uitgevers kent; de A-RAT heeft een eigen logica, en juist die logica kun je vooraf leren. Lees je uitnodiging goed, zoek uit welke onderdelen je krijgt en zorg dat de knoppen-matrix op de testdag geen verrassing meer is. Wil je gericht oefenen in het Hudson-format, kijk dan naar de Hudson-assessmenttraining. Dan laat je op de testdag zien wat je echt kunt.